Het fokken binnen één ras betekent altijd dat de verwantschap zal toenemen tussen de dieren onderling. Dit is inherent aan het fokken (lees ‘selecteren’) in een bepaalde fokdoelrichting, waardoor gewenste eigenschappen worden verankerd en de ongewenste (waaronder erfelijke gebreken) worden uitgefilterd. Wanneer de overeenkomstige ouders pas in de diepte van de stamboom voorkomen, kun je van de voordelen van het ‘verankeren van genen’ profiteren, omdat we dan het volledige verervingsbeeld van die bewuste ouders goed in beeld hebben, en daarmee vooral ook weten hoe we de ongewenste eigenschappen kunnen vermijden. Zolang als de overeenkomstige ouders diep in de stamboom zitten, neemt de inteelt per generatie beperkt toe. Dit is wenselijk om te voorkomen dat we de nadelen van inteelt gaan ondervinden, zoals o.a. verminderde vruchtbaarheid, weerstand en levensduur. Om die reden gebruiken veel mensen de hulp van een parings-programma, zoals M84U, waarbij de computer afhankelijk van de instellingen de stamboom van het te creëren kalf naloopt op de toegestane verwantschap.

Nu is er de afgelopen tijd veel aandacht in de media geweest over de inteelt toename in met name de Holsteinpopulatie. Het team van Peek & van der Kroon heeft herhaaldelijk en via verschillende wegen aandacht gevraagd voor een gezonde bloedspreiding in de fokkerij, en dan met name binnen de Nederlandse stieren populatie. Ook de NVO (Nederlandse Veeverbeterings Organisatie) heeft middels een studie op de stambomen van alle Nederlandse jonge stieren aangetoond dat er steeds minder variatie is gekomen en de inteelt in de ingezette stieren vooral sinds de introductie van Genomics sterk is toegenomen. Zo zijn er in 2016 géén O-man- en Shottle-vrije stieren meer ingezet, en hadden de stieren in 2016 gemiddeld al 14,5% aandeel O-man in hun stamboom! Ook Planet is een impactstier geworden, met gemiddeld ruim 9% aandeel in de bloedvoering van de jonge stieren in 2016, terwijl hiervan maar 7% vrij was van Planet bloed.

Geboortejaar proef-insirestieren
Bron J.Olieman, NVO 2006 2009 2012 2015 2016
gemiddelde inteelt% 5,4% 5,9% 7,0% 7,8% 8,6%

In schema het gemiddelde niveau van inteelt% van alle in Nederland ingezette jonge stieren per geboortejaar.

Opmerkelijke statistieken, in het licht van het uitgebreide artikel in vakblad ‘Veeteelt’ in mei 2017, waarin was te lezen over het feit dat er geen zorgen hoeven zijn over de inteelt toename in Nederland. Op de Veeteelt website was er de volgende samenvatting:

VRIJDAG, 26 MEI, 2017  ‘Het sentiment dat inteelt in Nederland op dit moment een probleem zou zijn is niet op feiten gebaseerd.’ Dit stelt Jos Buiting, hoofd stamboekzaken bij CRV en voorzitter van de Wereld Holstein Friesian Federatie (WHFF), deze week in een achtergrondartikel over inteelt in Veeteelt.

Sinds 2010 is de inteeltgraad in de internationale zwartbontpopulatie met gemiddeld 0,14 procent per jaar gestegen, zo blijkt uit cijfers van de WHFF. Tussen 2000 een 2010 lag de inteelttoename op gemiddeld 0,12 procent per jaar, in het laatste decennium van de vorige eeuw was dit 0,19 procent. Wetenschappers beschouwen een inteelttoename van maximaal 0,25 procent per jaar als ‘veilig’. Tussen 2010 en 2015 steeg de inteeltgraad in de Nederlandse zwartbontpopulatie met gemiddeld 0,07 procent, Duitsland en Frankrijk met 0,11 procent en Verenigde Staten en Canada was de toename respectievelijk 0,17 en 0,21 procent per jaar. De Nederlandse fokkerij scoort relatief gunstig’, vindt Buiting. ‘Wij hebben de indruk dat alle betrokkenen hun verantwoordelijkheid nemen’.

Maar zeer recent zijn Wageningse onderzoekers met nieuwe feiten over de inteelt toename naar buiten gekomen. Zij constateren dat de inteelttoename vooral sinds de introductie van Genomics vanaf 2010 is toegenomen met 1,8% per generatie! En niet de 0,35% inteelttoename (0,07 x 5jaar) zoals door CRV wordt gecommuniceerd! Realiseert u zich; dit betreft de inteelt in de stierenpopulatie. Maar uiteindelijk vormen die de basis van uw volgende generatie dieren.

Op bedrijfsniveau zullen er grote verschillen bestaan. Dit zal vooral afhankelijk zijn van de kennis van bloedlijnen bij de veehouders die zelf de paringen maken en van de variatie in stambomen bij de stieren die worden geselecteerd en ingezet. Bij gebruik van een paringsprogramma is het vooral ook afhankelijk van de instellingen voor toegestane verwantschap.

m84u Peek-vdKroon

Zoals u wellicht weet, maakt Peek & van der Kroon gebruik van een diepe stamboom controle in het paringsprogramma M84U (Mate for You) bij het beperken van de verwantschap tussen koe en adviesstier. Er kan tot en met 5 volledige generaties achter het kalfje worden gerekend, waarbij we streven naar zoveel mogelijk adviezen met zo beperkt mogelijke verwantschap. De uitdaging zit ‘m dus in het vinden van voldoende bloedspreiding onder de stieren.

Het blijkt eens te meer dat de commercie, gedreven door de race naar de hoogste NVI en TPI waarden, een zwaar stempel drukt op de idealen van de algemene vee verbetering. Deze is juist op de lange termijn gebaat bij een beperkte toename van de verwantschap. En wellicht nog meer: behoefte aan eerlijke, onafhankelijke en objectieve informatie waarop u zelf òf met ons de juiste bedrijfsgerichte fokkerijkoers kunt varen.

Het onafhankelijke team van Peek & van der Kroon fokkerijadviseurs staat voor u klaar om u te ondersteunen bij passende stierselectie en met objectief paringsadvies.

Stamboom controle opties M84U

Dit artikel in pdf.